home > managers aan het woord > Hans Stam Vecht-College

Hans Stam heeft in 2005 het Vecht-College opgericht, een particuliere middelbare school met een nieuwe aanpak, “tussen het oude en het nieuwe leren in”. Aantrekkelijk èn degelijk onderwijs met goede resultaten.

Droom
Ik wilde altijd al rector worden - van mijn eigen school wel te verstaan. Met kwalitatief hoog onderwijs dat het leren voor de leerlingen leuk zou maken. Een school die kinderen stimuleert hun kwaliteiten te gebruiken.

Toen ik 20 was begon ik als wiskundeleraar op een scholengemeenschap voor MAVO/HAVO/VWO. Na 5 jaar was ik er decaan, na enige jaren startte ik daarnaast 1 dag in de week bij het APS (algemeen pedagogisch studiecentrum, onderwijsadviesbureau, waar ik les gaf in les geven. Dat heb ik 15 jaar gedaan. Vijf jaar terug werd me gevraagd om iemand bijles te geven. Die iemand werd vervolgens een groepje, dat snel groeide tot 100 leerlingen.
Dat werd de opmaat voor mijn eigen school, gestart in 2005.

Daad
Hoe begin je een school? Een duidelijk idee hebben van je doelen, de markt onderzoeken, onderwijsinspectie benaderen, naar de notaris, gebouw zoeken! En dan gaat het beginnen: inrichten zoals je het wilt hebben. School is zoveel meer dan alleen lesgeven. Het gaat om begeleiding op alle terreinen: cognitief en sociaal-emotioneel.
In mijn geval wilde ik een school met nieuwe leermethode en nieuwe leermiddelen, gebruik makend van ICT. Een school in dienst van de leerlingen die middenin de samenleving staat. Enkele, efficiënte, betekenisvolle, klassikale lessen gecombineerd met projecten. Onderwijs op maat dat recht doet aan de verschillen tussen leerlingen, gegeven door betrokken docenten. De basis daarvoor staat nu.

Drempels
Ik heb veel medewerking gekregen, vaak uit onverwachte hoek. De eigenaar van dit (tot dan leegstaande) gebouw was zo enthousiast, dat hij het gebouw van buiten mooi heeft opgeknapt en mij de vrije hand binnen heeft gegeven.
Overheidssteun heb ik niet gehad, integendeel. Ik ben tot bij de staatssecretaris geweest met mijn ideeën, en die zei letterlijk slechts “veel succes”. Ga je gang.
Ik vind dat onbegrijpelijk. Soms weet ik niet waar we mee bezig zijn in Nederland. Onderwijsinnovatie? Investeren in onderwijs? Waar blijft dat geld? Miljoenen worden beschikbaar gesteld, maar ze gaan niet naar de basis, naar goed onderwijs. Tenminste: ik zie het niet. Ze lijken op te gaan in onderzoek naar ideeën, in plaats van geïnvesteerd te worden in onze jongeren. Wij zetten hier een goede school neer, met tot nu toe hele goede resultaten. En, hoewel de school niet speciaal voor dat doel is opgezet, krijgen we hier vaak kinderen die in het reguliere onderwijs zijn vastgelopen. Leerlingen die bijvoorbeeld 3 VMBO voor de tweede keer dreigen te doubleren, halen hier achter elkaar hun VMBO-, HAVO-, en soms VWO-diploma. Voor alle duidelijkheid: ze doen staatsexamen, er is geen mogelijkheid om via schoolonderzoeken de resultaten op te krikken. Leerlingen krijgen hier gewoon weer plezier in leren.
Dit is van grote maatschappelijke waarde, in meerdere opzichten. Ik zou het vanzelfsprekend vonden als de overheid daaraan bijdroeg, zodat deze mogelijkheid voor meer leerlingen binnen bereik zou komen. Het zou mooi zijn als er een publiek-private samenwerking zou kunnen ontstaan waarin ouders via geoormerkte gelden of fiscaal voordeel indirect de € 5000,= die de overheid niet uitgeeft voor een leerling op een particuliere school kan besteden.

Drijfveer
De leeftijd van 12 tot en met 18 boeit me. Het is een periode die zo belangrijk is, waarin mensen zo veranderen. Ik wil daar een bijdrage aan leveren. Op het gebied van onderwijs, maar ook op andere terreinen.
We doen het als maatschappij vaak niet goed voor onze jongeren. Massale scholen met onderwijs gericht op de gemiddelde leerling. Of woonwijken opzetten en alleen rekening houden met speelplaatsen voor kinderen tot 12 jaar. En dan ons met zijn allen beklagen over die lastige jeugd. Er zijn hiervoor zo veel leuke goede oplossingen te bedenken, als ook de samenwerking tussen partijen wat beter zou zijn. Ik houd mezelf scherp door te denken “waar help je die kinderen mee?” Ik zou aan allerlei zaken willen bijdragen, bijvoorbeeld een internaat voor kinderen die de structuur kwijt zijn, het opzetten van een brede school voor de middelbare schoolleeftijd, ideeën genoeg

De volgende fase
Ik heb me in de afgelopen periode vooral gericht op het creëren van de basisvoorwaarden en het aantrekken van gedreven leerkrachten. Dat laatste vereist voortdurende aandacht. Of, in managementtermen, de kwaliteit van mijn docenten is een kritische succesfactor. Mijn mensen moeten midden in de samenleving staan. Ik stimuleer mijn docenten om niet alleen les te geven, maar iets ernaast te doen. Ik wil een school met docenten die betrokken zijn bij de school, die zeggen “mijn school” en niet “de school waar ik werk”, die liefde voor de kinderen hebben.
In de volgende fase komt het erop aan een sterke school neer te zetten. Ik denk dat ik nog een paar jaar nodig heb om te zorgen dat de school, financieel gezond, kwalitatief goed en organisatorisch doortimmerd is. Het managen is begonnen!